GESCHIEDENIS VAN GEWELD - Édouard Louis (De Bezige Bij, 2017, vertaald door Jan Pieter van der Sterre en Reintje Ghoos)

Edward: De meeste boeken beginnen met een motto - Geschiedenis van geweld van Édouard Louis eindigt ermee. Het is van Imre Kertész en de laatste zinnen luiden: 'waarheid is een vuur dat de mens verteert'. Eerder in het boek schrijft Louis: 'Waarom krijgen de verliezers van de geschiedenis opgelegd daarvan te getuigen?' Die twee citaten geven aan dat het schrijven van dit boek weinig lichtheid met zich mee bracht. Dat is te begrijpen. Zoals een politiebeambte tegen de hoofdpersoon zegt: 'Het is te ernstig, meneer.' Hij doelt dan op het verwurgen, het verkrachten en het met de dood bedreigen van de jonge Édouard Louis, die op Kerstdag een jongen mee naar huis neemt die Reda heet en hem aanspreekt op straat. Ze bedrijven de liefde, meerdere keren zelfs, en dan slaat het verhaal om.
Net als het hallucinerend geweldige eerste boek van Louis, Weg met Eddy Bellegueule, is ook Geschiedenis van geweld een 'ware' roman. Maar een navertellen van de feiten zijn beide boeken, en vooral dit laatste, totaal niet. Het werkelijk magnifieke van Geschiedenis van geweld is de stijl, de aanpak, de veelzijdigheid, de literaire inzet, de intelligentie, de eerlijkheid, de radicaliteit. We worden langzaam ingevoerd in de details van de noodlottige nacht (en de dagen erna, de gang naar het ziekenhuis en naar het politiebureau), maar Louis doet dat door beurtelings een 'ik' het woord te geven, en dan weer zijn zus Clara, die heel uitgebreid aan haar man vertelt wat haar broer is overkomen - terwijl die broer, Édouard dus, zonder dat zij het weet, alles hoort wat ze zegt, dat in het boek herhaalt én corrigeert. Die aanpak is briljant.
Alles aan dit boek beviel me. Het is alsof je iets leest dat nog nooit op deze manier werd overgebracht. De schrijver is rigoureus, maar ook genuanceerd. Hij is wars van ploteffecten, maar ondertussen kun je niet wachten tot je tijd hebt om door te lezen. Het boek gaat niet alleen over geweld, maar ook over moed en lafheid, over persoonlijke achtergronden (de aankomst van Reda's vader in Frankrijk bijvoorbeeld), en zo mooi ook: het boek eindigt met tekenen van onbaatzuchtige vriendschap. Laat het duidelijk zijn: dit boek doet een sterke gooi naar boek van het jaar. En de auteur is pas vijfentwintig. Oh, de romans die nog gaan volgen!



Reacties